De laatste jaren is gebleken dat er in Nederland diverse risicogroepen zijn die de potentieel dodelijke ziekte rabiës tijdens hun werk kunnen oplopen. In Nederland komt rabiës alleen bij vleermuizen voor. Ongeveer 7% van de vleermuizen heeft deze besmettelijke ziekte onder de leden en kan dit door middel van een beet of kras aan de mens overdragen.
Bij verschillende beroepsgroepen bestaat er kans om met vleermuizen in contact te komen zoals: de groenvoorziening (vleermuis in struik, kadavertje), dierenambulance (gewonde vleermuis), schoorsteenveger (beet tijdens schoonmaken), bouw en sloop (werkzaamheden in kelders), schoonmakers, restaurateurs, vleermuisonderzoekers en verzorgers van vleermuizen in dierentuinen. Ten slotte moeten ook dakdekkers als risiogroep beschouwd worden, aangezien vleermuizen gedurende de dag het liefst op een beschutte plek verblijven, zoals in spouwmuren of onder dakpannen
Buiten ons land, vooral in Azië en Afrika, is deze zoönose een volksgezondheidsprobleem vanwege grote aantallen sterfgevallen na beten door geïnfecteerde honden en vele andere zoogdieren die allemaal, meestal ad hoc, met rabiës geïnfecteerd kunnen zijn.
Ook Nederlandse werknemers die voor hun werk geregeld in het buitenland verblijven, zoals zakenreizigers, ontwikkelingswerkers of bijvoorbeeld luchtvaartpersoneel lopen risico op blootstelling aan rabiës. Naast vleermuizen vormen daar vooral met rabiës besmette honden, vossen of apen belangrijke bronnen.
Informatie over het voorkomen van rabiës, is te vinden op:
http://www.who-rabies-bulletin.org/ en http://www.who.int/mediacentre/factsheets/fs099/en/

